Bolster background

Veredeling


Het kweken van nieuwe rassen
Sinds het ontstaan van de landbouw heeft de mens planten in cultuur gebracht (gedomesticeerd) en begeleid tot nieuwe verschijningsvormen die voor hem beter geschikt waren (meer opbrengst, beter smakend, makkelijker oogstbaar, enz.). In Nederland kent de plantenveredeling een lange historie  en is tot een belangrijke bedrijfsactiviteit uitgegroeid. Helaas wordt het aantal zelfstandig opererende bedrijven wel steeds kleiner. Gevolg is dat een zeer beperkt aantal zeer grote multinationals de professionele markt zijn gaan domineren. Veel mensen, net als wij, zien deze machtsconcentratie als bedreigend, zowel ten aanzien van de agrobiodiversiteit als van de keuzevrijheid van de boeren.

De veredelaars bij de Bolster
Al in 2002 is Bart Vosselman op beperkte schaal gestart met veredelingswerk. In eerste instantie bij tomaat, tuinboon en rucola, later gevolgd door pompoen (2004) en courgette (2006). Vrij snel werd het al duidelijk dat je als kleine kweker niet bij voorbaat kansloos hoeft te zijn. Dit gecombineerd met de overname van de Bolster in 2006, heeft ertoe geleid dat veredeling een substantieel onderdeel van het bedrijf is geworden. Ons “BOB-team” (Bolster Organic Breeding) bestaat sinds 2010 dan ook uit drie fulltime veredelaars. Naast Bart betreft het Loes Mertens uit België en Bertille Gieu Arbaret uit Frankrijk. Loes en Bertille hebben beide biologische landbouw in Wageningen gestudeerd. Bart is in 1975 al afgestudeerd als veredelaar.  

Bio zaden ≠ bio rassen!

Biologische zaden zijn niet persé afkomstig van biologische rassen. Gelijk welk ras kan in principe biologisch vermeerderd worden. Dat houdt in dat de planten waar zaden van gewonnen worden minimaal één jaar onder (gecertificeerde) biologische omstandigheden geteeld zijn.

Een biologisch ras daarentegen komt voort uit een ‘biologisch veredelingsprogramma’, zoals we dat  bij de Bolster hebben. Hetgeen betekent dat de gewassen - ook die voor de veredeling – onder biologische omstandigheden geteeld en geselecteerd worden. Bij de Bolster kiezen we hier bewust voor. Dat betekent dus dat alle planten in de volle grond geteeld worden, weinig bemest worden en er geen chemische middelen gebruikt worden.

Bij vele andere bedrijven daarentegen, worden de rassen onder gangbare omstandigheden geteeld en geselecteerd en vervolgens in de eindfase onder biologische omstandigheden vermeerderd. Dit zijn dus wél bio zaden, maar géén bio rassen!

 Biologische Veredeling (= klassieke veredeling met een biologische focus)

Veredelen is in feite een simpele procedure. Via kruising wordt variatie (nieuwe varianten) gecreëerd. En vervolgens wordt met  vele jaren van selectie de meest gewenste typen uit de kweekvijver gevist. Deze procedure noem je ook wel klassieke veredeling.   

 Al onze rassen komen met klassieke verdeling tot stand. Daarbij focussen we ons op criteria die voor de biologische telers erg relevant zijn. Biologische telers willen bij voorkeur planten die stabiel produceren, en het dus  ook goed doen bij een (tijdelijk) tekort aan stikstof/bemesting. Immers, een correctie met kunstmest is niet mogelijk. Dergelijke groeikrachtige planten vindt je het best bij ‘arme’ omstandigheden – dus bij weinig mest. 

Maar vanzelfsprekend spelen veel meer eigenschappen en factoren een rol, zoals o.a. resistenties tegen ziektes. De genetische aanleg daarvoor komt echter niet uit de lucht vallen, oftewel ‘wat er niet in zit, kan er ook niet uitkomen’. Het is dan ook  dus zaak om het goede uitgangsmateriaal bij elkaar te sprokkelen.  

Op deze manier selecteren we rassen die aangepast zijn aan de omstandigheden van de biologische teler. Met deze aanpak onderscheiden we ons van de meeste andere Nederlandse veredelingsbedrijven.

Verschillende Rastypen
In onze veredelingsprogramma´s worden verschillende typen van rassen ontwikkeld: zaadvaste, family-intercross en hybride rassen.

  • Zaadvast: Eléonora, Solor en Esmée.
  • Family-Intercross: Fictor.
  • Hybride:  de cherrytomaat Bartelly die momenteel in de aanmeldingsprocedure zit.

Kweken is vooral een kwestie van veel geduld
We zouden er graag meer vaart in zetten, maar de ontwikkelingstijd van een nieuw ras duurt over het algemeen zo’n 8 à 10 jaar. Dit wordt door veel factoren veroorzaakt.

  • Lange wensenlijsten. Tijdens een veredelingsprogramma wordt gericht naar een bepaald planttype toegewerkt. En er zijn talrijke eigenschappen die daarbij in de gaten gehouden worden. Een nieuw ras zal natuurlijk altijd een verbetering moeten zijn ten opzichte van de andere rassen die al op de markt zijn.
  • Seizoensafhankelijkheid. Uiteraard zijn we afhankelijk van de natuurlijke cycli van de planten (en de grillen van de seizoenen). In tegenstelling tot bij een beeldhouwwerk bijvoorbeeld kan je niet continu doorwerken. Bij elke generatie kan maar 1 stap gezet worden. En welke selectiemethode dat je ook gebruikt, je zult altijd veel generaties nodig hebben om tot volledige raszuiverheid te komen.
  • Voor een belangrijk deel hangt het samen met de raszuiverheidseisen. Het Community Plant Variety Office heeft per soort vastgesteld hoeveel afwijkende planten er maximaal per ras mogen voorkomen. Bij tomaat (een zelfbestuiver) bijvoorbeeld is de eis 99%. Dit betekent dus dat op 100 planten slechts 1 plant iets mag afwijken van het standaardtype. Hierbij wordt beoordeeld op diverse botanische kenmerken. Dit kunnen helaas ook kenmerken zijn die voor ons of voor telers niet relevant zijn. 
  • Deze eis van raszuiverheid ligt wettelijk vast en geldt zolang het ras in omloop is. Het is aan de instandhouders om hierop toe te zien. Zo verkopen wij bijvoorbeeld een aantal bonenrassen die al meer dan honderd jaar oud zijn, maar er nog precies zo uitzien als honderd jaar geleden. 
  • Bedenk bij dit alles dat alleen geregistreerde rassen verkocht mogen worden. Dit registratieonderzoek duurt twee jaar en wordt uitgevoerd door de NAKtuinbouw. In dit onderzoek wordt gekeken naar onderscheidbaarheid van andere rassen, homogeniteit (of uniformiteit) en bestendigheid (of stabiliteit) (OHB). Meer informatie hierover vindt u in het extra document over raszuiverheid, toelating en kwekersrecht.