Zaden van eigen teelt, 100% biologisch en GMO-vrij, snelle levering

Ontwerp je moestuin en maak een teeltplan

Wellicht heb je het mooie voornemen voor 2018 is om meer uit je eigen (moes)tuin te eten. Je hebt hier ook al een plek voor in gedachten. Fantastisch, de winter is hét moment om je eigen moestuin te ontwerpen. Of wellicht heb je al een moestuin, maar ben je op zoek naar een manier om meer grip te krijgen op je teelten? We helpen je graag op weg! In deze nieuwsbrief zullen we je een aantal tips geven voor als je een eigen moestuin wilt beginnen, of als je meer structuur in je moestuin wilt aanbrengen door middel van een teeltplan.

Stap 1: kies de juiste plek

De meeste groenten en kruiden hebben voor een optimale groei veel zonlicht nodig. Kies de meest zonnige plek in je tuin uit. Let erop dat je ook een waterpunt dichtbij hebt, want in droge periode is het belangrijk dat de planten wel voldoende water krijgen.

Stap 2: kies de juiste grootte

Het onderhouden van een moestuin vraagt best wat aandacht. Hoe ambitieus je ook bent, onze tip is om te beginnen met een tuin van maximaal 50 vierkante meter (bijvoorbeeld 10m x 5m, of 7m x 7m), ook al heb je veel meer ruimte in je tuin. Van 50 vierkante meter kun je al flink oogsten voor 2-4 personen. Een kleinere moestuin kan natuurlijk ook prima, en de omvang hangt natuurlijk af van je ambities, je vrije tijd, en het soort planten wat je wil verbouwen. Verdeel de moestuin in verschillende bedden met er tussenin looppaden, zodat je overal goed bij kunt.

Stap 3: maak een teeltplan

Het teeltplan beschrijft wat je verbouwt, wanneer je gaat zaaien, planten en oogsten, en op welke plek de groenten zullen gaan groeien. Let op: dit is een plan en de werkelijkheid is altijd weer anders! Het teeltplan bestaat uit een plattegrond. Tip: verdeel je moestuin in 6 vakken (of nog meer) van ongeveer gelijke oppervlakte. Je gebruikt ieder vak voor een van de 6 ‘groentefamilies’ – op basis van groeiwijze:

  • 1. Bladgroente (sla, spinazie, uien, prei, etc.)
  • 2. Koolgroente (broccoli, spitskool, groene kool, koolrabi, rucola, raapstelen, radijs, etc.)
  • 3. Peulgroente (doperwten, kapucijners, tuinbonen, sperziebonen, pronkbonen, snijbonen, etc.)
  • 4. Aardappelen
  • 5. Wortelgroente (peen, rode biet (ook eenjarige kruiden zoals koriander, peterselie, dille, etc.)
  • 6. Vruchtgroente (courgette, pompoen, augurk, etc.)

Een aandachtspunt is dat je ook bladgewassen die familie zijn van de kolen, onderbrengt bij de kolen (voorbeeld: raapsteel, rucola, mosterd, etc.). Je kan uiteraard ook nog een vak ‘meerjarige kruiden’ toevoegen, die niet mee wisselt! Andere onderverdelingen zijn ook mogelijk, bijvoorbeeld op basis van bloeiwijze, of een apart vak voor de Allium-gewassen (prei, uien, knoflook, sjalotten).

Hierna volgt het leuke gedeelte: wat vind je lekker en wat wil je verbouwen in de moestuin? Tip: Begin met een aantal ‘makkelijke’ gewassen, en laat ‘moeilijke’ gewassen even links liggen. Makkelijke(re) gewassen: sla, spinazie, ui, snijbiet, spitskool, rucola, bladmosterd, radijs, raapsteel, tuinbonen, doperwten, kapucijners, sperzieboon, bieten, aardappelen, peen, rode biet, palmkool, boerenkool.

Moeilijke(re) gewassen: broccoli, groenselderij, knolselderij, spruiten, basilicum, venkel. Dit zijn gewassen die wat gevoeliger zijn voor tekorten aan vocht en voeding.

Je weet nu per familie ongeveer afmeting van de tuin en wat je daarin kwijt kunt. Nu is het een kwestie van passen en meten. Houd vooral rekening met de plantafstand van de volgroeide planten. Op de verpakking van de zaden en op onze website kun je de exacte plantafstand terugvinden en houd je hieraan. Mocht je de planten te dicht op elkaar intekenen en zaaien, zullen de planten elkaar verdrukken en zich minder goed – of slecht – ontwikkelen.

Stap 4: bestel je zaden:

Zorg dat je de zaden op tijd in huis hebt. De liefhebbers beginnen in januari al met het voor zaaien van tuinbonen, doperwten, en kapucijners.


Nu ben je klaar met je plan, wees niet bang om je plan tussentijds aan te passen. We zullen in de nieuwsbrief veel tips geven die tijdens het seizoen kunnen helpen. Heel veel succes!

Uitleg families & vruchtwisseling

Een goede vruchtwisseling is een van de fundamenten van de biologische landbouw. Een vruchtwisseling houdt in dat je de diverse families op verschillende vakken in de moestuin verbouwt en elk jaar doorschuift naar een andere plaats. Op deze manier schuiven ieder jaar alle families een vak op en daardoor komt na minimaal 4-6 jaar dezelfde familie pas weer in hetzelfde vak te staan. Ieder jaar hetzelfde gewas op dezelfde plek in de moestuin verbouwen, zorgt voor bodemuitputting, en ophoping van specifiek bodemleven (aaltjes, schimmels, bacteriën) wat schadelijk kan zijn voor het gewas.

Zaaien
Zaaien