Zaden van eigen teelt, 100% biologisch en GMO-vrij, snelle levering

Peulvruchten telen: onze tips

Ben je van plan om peulvruchten te gaan verbouwen? Wij garanderen je dat dit erg leuk is om te doen. We geven je graag verschillende tips voor het telen van peulvruchten. Lees meer over de ideale zaaitijd en standplaats, en hoe je ze het beste verzorgt, oogst en bewaart. Met deze tips geniet jij straks van heerlijke peulvruchten!

De beste zaaitijd

Het verschilt per peulvrucht wat de beste periode is om te zaaien. Voor erwten, peulen en kapucijners geldt dat een vroege uitzaai rond maart of april de beste resultaten oplevert. Zaaien in mei en later geeft onvoldoende peulzetting en problemen met meeldauw. Bij natte weersomstandigheden zijn erwten gevoelig voor schimmels bij de kieming. Houd dus goed rekening met het weer, en geef voor het uitzaaien een matige hoeveelheid rijpe compost. Bonen houden meer van warmte en komen dus wat later in het seizoen. Alle boonsoorten zijn gevoelig voor nachtvorst en houden niet van natte of koude zaaiomstandigheden. Slabonen en snijbonen kun je het beste zaaien in de periode tussen mei en juli. Tuinbonen kun je ter plaatse zaaien vanaf begin maart tot half april.

De meest geschikte standplaats

Een zonnige standplaats resulteert in de beste opbrengst. Om ervoor te zorgen dat er weinig schaduw op de peulen valt, kun je de rijen het beste volgens de noord-zuidas aanleggen. Daardoor drogen ze sneller op en dit vermindert bovendien de kans op meeldauw-aantasting. Bij erwten is het van belang dat de grond niet te nat of te stijf is. Een lichte, iets kleihoudende doorlatende grond is het meest geschikt voor erwten en peulen. Deze soorten groeien omhoog, en we raden dan ook aan om een stuk gaas te gebruiken. Dit maakt het doorplukken gemakkelijker en hiermee voorkom je dat de peulen op de grond liggen. Bij de teelt langs gaas kan aan beide zijden een rij gezaaid worden. Houd tussen de rijen ongeveer 50 cm aan en in de rij 3 à 5 cm. Laat tussen dubbele rijen 60-120 cm ruimte open. Stamslabonen en stamsnijbonen dien je vrij diep (2-5 cm) in een geultje te zaaien. Leg om de 5-10 cm een zaadje, of zaai in pollen op een afstand van 45x45 cm met steeds 4 bonen bij elkaar. De stoknijbonen zaai je met 4-5 bonen per stok, op een afstand van 75x75 cm. Bij het zaaien en uitplanten van tuinbonen houd je minimaal een afstand van 60x20 cm aan.

De voeding

Peulvruchten hebben weinig voeding nodig, omdat ze in symbiose met een bodembacterie stikstof kan binden uit de lucht. De stikstof wordt vastgelegd in zogenaamde wortelknolletjes, waarin de bacteriën leven. Peulvruchten onttrekken daardoor weinig voedingsstoffen aan de bodem. Dat wil niet zeggen dat ze helemaal geen bemesting nodig hebben; juist in de beginfase kan de hoeveelheid stikstof toch kritisch zijn, omdat het vormingsproces van wortelknolletjes nog op gang moet komen.

Hoe verzorg je de peulvruchten?

Wanneer je peulvruchten beginnen te groeien, hebben ze regelmatig water nodig. Dit is vooral het geval bij droogte, omdat er geen peulen ontstaan bij een te droge grond. Om de dag kun je vaak al wel een handje plukken. Door veel te plukken, gaat de plant bloeien en ontstaan er weer nieuwe peulen. Zoals we hiervoor al benoemden, zorgt het bouwen van een rek met gaas voor de hogere soorten. Wanneer er veel planten naast elkaar staan, hebben ze wellicht een touwtje nodig om niet van het gaas af te vallen. Trek tot slot afgedragen planten uit de grond.

Ziekten en plagen

Wanneer je de peulvruchten onder de juiste omstandigheden teelt, komen problemen met ziekten en plagen nauwelijks voor. Hierdoor is het erg aantrekkelijk om deze gewassen zelf te verbouwen! Let op dat je ze niet te vroeg zaait, want dit kan de planten vatbaarder maken voor ziekten en plagen. Tevens kunnen vogels de erwten uit de grond halen bij vroege zaaiingen. Dit is op te lossen door een boogvormig gaas over de uitgezaaide erwten te plaatsen.

Oogsten en bewaren

De stengels van de planten breken behoorlijk snel, dus daarom raden wij altijd aan om met twee handen te plukken. Met de ene hand houd je de plant vast en met de andere pluk je de peul. Op deze manier beschadig je de plant niet! Je kunt het beste regelmatig plukken, omdat er dan weer nieuwe peultjes worden gevormd. Bovendien smaken jonge peultjes erg goed. Peultjes zijn het lekkerst wanneer je ze dezelfde dag nog opeet. Je kunt ze ongeveer 3 dagen in de koelkast bewaren. Ook is het mogelijk om ze in te vriezen, maar dan gaat wel het knapperige aan de peulvruchten verloren.

Bekijk ons assortiment peulvruchten

Ben je benieuwd naar ons assortiment? Bekijk dan ons totale aanbod van peulvruchten. In onze webshop plaats je snel en eenvoudig een bestelling online: binnen 1 tot 2 werkdagen leveren wij onze producten al bij je thuis. Wil je meer informatie over onze producten, of heb je vragen over de bezorging? Neem dan contact met ons op.