Zaden van eigen teelt, 100% biologisch en GMO-vrij, snelle levering

Moestuin beginnen

U staat op het punt om uw eigen moestuin te beginnen? Gefeliciteerd, dat is echt geweldig.  Bij het aanleggen van een moestuin zijn een aantal dingen belangrijk. Het maakt niet uit of u een meter tuin, een stadstuin, een groentetuin of kruidentuin wilt aanleggen. Mogen wij u als beginnende moestuinier een beetje op weg helpen, zodat tuinieren voor u nog succesvoller wordt en de kans toeneemt dat u ook in de toekomst blijft tuinieren?

Grondsoort herkennen

Wanneer u voor het eerst gaat tuinieren is het belangrijk om eerst goed kennis te maken met de bodem. Op welke grondsoort gaat u tuinieren? Iedere grondsoort heeft zo zijn eigen wensen en eisen.

Zandgrond

Zandgrond herkent u aan de lichte kleur en de grote deeltjes die los op elkaar zijn gestapeld. Aan zuurstof hebben planten op zandgrond eigenlijk nooit gebrek. Droogte kan wel problemen geven.  Doe daarom vóór het planten een flinke hoeveelheid organisch materiaal door de grond en geef tijdens een droge periode regelmatig water. Doe dit wel voorzichtig om te voorkomen dat met het water ook de meststoffen wegspoelen.

Kleigrond

Kleigrond herkent u aan de vochtige, vaste structuur. Hou deze grond vooral luchtig. Dit kan door elk najaar te spitten en te voorzien van organisch materiaal. 's Zomer regelmatig het bovenste deel van de grond schoffelen. Water geven hoeft meestal niet, omdat kleigrond water goed vast houdt. Dit betekent ook meteen dat in natte periodes het water blijft staan. Dit is eigenlijk wel een nadeel, maar dit kunt u verhelpen met een goed drainagesysteem. 

Veengrond 

Veengrond herkent u aan de kleur, die bijna zwart is. Deze grond voelt sponsachtig aan. Dit komt o.a. omdat het een mengsel van aarde met verteerde en halfverteerde plantenresten is. Het heeft heel veel organisch materiaal van zichzelf. Toevoegen is dus niet echt nodig. Deze grondsoort is soms erg nat, omdat de grondwaterstand onder deze grondsoort vaak vrij hoog is. Dit is een belangrijk nadeel van veengrond. Probeer planten en struiken te plaatsen die goed tegen vocht kunnen en zet deze op een terp (verhoging). Veengrond is goed doorlatend en houdt daarom voedingsstoffen goed vast. Test wel regelmatig de zuurgraad van de grond, omdat deze vaak laag is.

Bemesting

Laat de bodem testen op haar zuurgraad en voedingsstoffen. Wanneer de bodem onvoldoende vruchtbaar is, zal de oogst minder succesvol zijn. Laat daarom de grond even testen en volg het besmestingsadvies op. Testen kan o.a. bij: 

Zaaiplan

Begin met het maken van een zaaiplan. Houdt hierbij rekening met "goede en slechte buren",  het beste zaaimoment volgens de zaaikalender en anticipeer vast op wisselteelt.Houdt er ook rekening mee dat u hoeveelheden zaait, die u qua oogst wilt hebben. Bladgroenten kunt u bv. het beste in kleine hoeveelheden tijdens de zaaiperiode wekelijks zaaien. Zodat u het hele seizoen kunt oogsten. 

Houdt ook rekening met de eisen die een plant stelt. Sommige planten willen graag een zonnig plekje of een beschutte plek tegen wind of.......... En tot slot: zaai van het noorden naar het zuiden, waardoor u de hoogste lichtopbrengst krijgt.

Makkelijke groenten

Begin me eenvoudig te zaaien groenten. Een moestuin wordt pas echt leuk wanneer u ook echt kunt oogsten. Wanneer u met 'moeilijke groenten' start is de kans groot dat het niet lukt om resultaat te halen. Eenvoudige groenten zijn groenten die niet te veel eisen stellen aan de bodem, bemesting en standplaats. Denk bv. aan sla, rucola, spinazie, radijs, snijbiet, bieten, courgettes, bonen enz.

Zorg er voor dat u wanneer u makkelijk te telen gewassen heeft gekozen, ook kiest voor rassen die voldoende resistent zijn tegen ziekten en plagen. In onze catalogus geven wij dit aan.


Specifieke teelttips

Blad- en stengelgewassen

Koolgewassen

Peulvruchten

Vruchtgewassen

Wortel- en knolgewassen